NIEUWS

H.J.VLUG Insect Consultancy
(e-mail: h.j.vlug@hetnet.nl)
tel. 033.2773575 (mob. 06.53889071)

WORKSHOPS/LEZINGEN
Komende winter worden een aantal workshops/lezingen gehouden door het hele land. Deze bijeenkomsten starten na 10 december 2010 en eindigen medio maart 2011. De nadruk zal vooral liggen op het gebied van schade en beheersing van engerlingen in het grasland, sportvelden en particuliere tuinen. De prijs per deelnemer hangt af van het aantal deelnemers en is gebaseerd op € 550,00 gedeeld door het aantal deelnemers. Insect Consultancy is tot 1 december niet bereikbaar in verband met werkzaamheden in het buitenland. Voor zeer dringende zaken kunt u contact opnemen met de firma BIOCONTROLE in Wapserveen: www.biocontrole.nl


Eindelijk een nieuw middel
Sinds enige tijd heeft de door de overheid ingestelde Commissie Toelating Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden (CTGB) een gewasbeschermingsmiddel (vriendelijk woord voor bestrijdingsmiddel) ten onrechte toegelaten voor de Nederlandse markt. Dit middel op basis van de aktieve stof Imidacloprid (een stof in de groep van neonicotinoiden) was al sinds een tiental jaren toegelaten voor de teelt van mais, aardappelen en siergewassen. Een bestrijdingsmiddelengigant uit Duitsland heeft nu sinds juni 2009 in Nederland een toelating verkregen voor de bestrijding van engerlingen en emelten op sportvelden en golfterreinen. Voor de particuliere markt was al twee jaar geleden een middel op dezelfde chemische basis toegelaten welke toelating in 2010 weer werd ingetrokken. Het middel werkt systemisch, dat wil zeggen dat het zich door de gehele plant verspreidt. De werkingsduur is erg lang. Imidacloprid blijft ten minste twee jaar lang in de grond aanwezig. Het is gemakkelijk toe te passen als strooimiddel dat daarna moet worden ingeregend. Over de werking in de praktijk zijn op dit moment nog weinig resultaten bekend geworden. In proeven tegen engerlingen van de meikever werd een beperkte werking aangetoond (proef in Aalden door Insect Consultancy 2010).
De nadelen van dit middel zijn ernstig. Sinds de toelating van dit middel in de andere teelten (o.a. mais, aardappelen, fruitteelt, zonnebloemen, sierteelt) is een sterke teruggang van de bijenvolken geconstateerd door de giftigheid voor bijen (zie o.a. www.bijensterfte.nl). Voor de biocoenose van gazons, sportvelden en golfterreinen betekent dit dat de meeste insecten hier last van kunnen ondervinden. Van direct belang is de sterfte onder de natuurlijke vijanden van engerlingen en emelten. Indirect kan men stellen dat de brede werking van dit middel vrijwel alle insecten, die in aanraking met dit middel kunnen komen, ernstige bijwerkingen kunnen ondervinden. Recent is bekend geworden dat deze groep van bestrijdingsmiddelen een negatieve invloed hebben op het bacterieleven in de bodem. Het bodem ecosysteem wordt hiermee zodanig aangetast dat antagonisten van diverse schimmelziekten van gras mogelijk ook onderdrukt worden zodat het probleem van schimmels alleen maar zal toenemen. Voor het gebruik van insecten parasitaire nematoden (aaltjes) betekent dit dat de relatie tussen de aaltjes en de symbiontische bacterie verstoord zal raken. Natuurlijk voorkomende aaltjes zullen hierdoor niet kunnen presteren zodat de problemen rondom engerlingen en emelten zullen toenemen. Onderzoek heeft ook aangetoond dat in een aantal delen van Nederland het oppervlaktewater vervuild is door imidacloprid met een factor 300x de toegestane norm (zie o.a. http://www.bijensterfte.nl/node/21). Men dient zich de nadelen goed te realiseren bij gebruik van dit middel. Tevens moet men er rekening mee houden dat afgemaaid gras van de behandelde oppervlakken beschouwd moet worden als chemisch afval dat als zodanig afgevoerd en vernietigt dient te worden. Onderzoek heeft aangetoond dat imidacloprid ook giftig is voor regenwormen. Afbraak van organische stof zal hierdoor in gevaar komen. Imidacloprid is een breed toegepast insecticide en wordt o.a. ook gebruikt in de bekende mierenlokdoosjes. Neonicotinoiden zijn op dit moment aan te treffen in vrijwel alle voedingsmiddelen. Ernstige verdenking van deze stoffen op veroorzaking van kanker is niet ondenkbaar en volgens medisch toxicologen zelfs zeer goed mogelijk. Er bestaan ernstige vermoedens dat de stof ook verantwoordelijk is voor geheugenproblemen bij kinderen tot 6 jaar in gebieden waar deze middelen veel worden toegepast (vollegronds sierteelt, mais, fruitteelt en nu ook gras). Gebruik van deze stoffen is ondertussen in Frankrijk, Italie en Slovenie verboden bij veel toepassingen. De Nederlandse overheid heeft hier geen boodschap aan en denkt op basis van door Bayer gefinancierd onderzoek het middel veilig te noemen. Hoever kunnen we in Nederland nog gaan in onze zelfvernietiging?


Minister Verburg geeft toestemming voor bestrijding engerlingen  (28-09-2009)

Een aantal boeren mag eenmalig grasland vernietigen. Minister Gerda Verburg van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) geeft hier toestemming voor omdat op de zandgronden, vooral in het oosten van het land, een aantal boeren veel last heeft van engerlingen. De toestemming geldt tot 15 oktober 2009.

Het effect van omploegen en inzaaien van gras zit hem vooral in het feit dat engerlingen gestoord worden in hun ontwikkeling en de verpopping in het najaar. Vogels kunnen profiteren van de voedselrijke engerlingen en halen er veel weg. De engerlingen die het toch nog redden om te gaan overwinteren en volgend jaar eind mei en begin juni uit vliegen zullen geen gesloten grasmat vinden en hier zullen nauwelijks eieren afgezet worden. De populatie rozekevers zal zich pas over een aantal jaren ontwikkeld hebben tot een plaagsituatie. Voor die tijd valt er wel wat aan te doen. Kleine plekken die in de komende jaren ontstaan kunnen met succes bestreden worden met de aaltjes (als er maar vocht voorhanden is). Dan zijn de kosten niet zo hoog en wordt de plaag beheersbaar. Andere maatregelen zijn o.a. het bevorderen van de parasiet van de rozekever (zie hiervoor de rubriek rozekeverdolkwesp). Rozekevers leggen geen eieren in de mais en eventueel uitkomende kevers zullen eind mei de mais op hun weg vinden hetgeen niet past in hun ecologische behoeften. Na mais kan er weer gras ingezaaid worden zonder dat er meteen opnieuw problemen ontstaan. Door gefaseerd mais met grasland af te wisselen komt men op de duur voor enige tijd van het probleem af.


Insect Consultancy verricht steeds vaker vooronderzoek naar het voorkomen en de plaatselijke verdeling van engerlingen over de sportvelden en golfterreinen. Dit heeft geresulteerd in een vrij nauwkeurige bepaling voor de plaatsen waar schade verwacht kan worden. Dit lijdt meestal tot een verminderde hoeveelheid van de toe te passen nematoden. De controles van zowel spuitapparatuur als ook een kwaliteitsbeoordeling van de nematoden is in veel gevallen weer zeer nuttig gebleken.

NIEUW: Volgend jaar kan men Insect Consultancy vragen om het bemonsteren van de velden zelf te leren. Met behulp van een protocol en een paar uurtjes begeleiding van Insect Consultancy kan men dan zelf de gegevens van de bemonstering op de juiste wijze interpreteren.

Lezingen en discussies over insecten en hun schade-problematiek worden nog steeds enthousiast ontvangen. Vooral gemeenten, vaak in combinatie met andere instanties voor groenbeheer, maken gebruik van deze workshops. De interesse hiervoor bij de diverse bedrijven die betrokken zijn bij de voorlichting en bestrijding van insecten wordt ook groter. Vraag vrijblijvend een offerte aan voor een dergelijk evenement.

Denkt u aan een tijdige bestrijding met insecten-parasitaire nematoden (aaltjes) of geeft u de voorkeur aan een schade-advies ter plaatse, neemt u dan tijdig contact op met Henk Vlug, Insect Consultancy (033.2773575 of 06.53889071) of per e-mail:
h.j.vlug@hetnet.nl